De Gouden tijden van Almagro

PlazaMayor Almagro;  Foto Spainmadeforyou

Tegenwoordig is Almagro een kleine plaats in de provincie Ciudad Real (Castilla la Mancha), die bekend staat als theaterstad, vanwege Spanje’s oudste nog in gebruik zijnde theater. In de Spaanse Gouden Eeuw was het echter een van de belangrijkste en rijkste steden in geheel Spanje en was het onder meer de woonplaats van Europa’s bekendste bankier Fugger. Onder andere het theater, de Plaza Mayor en het theater museum en de vele paleizen zijn de stille getuigen van de vroegere Gouden tijden van Almagro.

Van gehucht naar regionaal handelscentrum

De groei van Almagro begint wanneer de Orde van Calatrava zich er in de 13de eeuw vestigt. De Orde van Calatrava is een Spaanse ridderorder die binnen korte tijd zeer machtig en rijk is geworden en die een cruciale rol heeft gespeeld bij het binnen tientallen jaren terugdrijven van de Moren vanuit het Iberisch Schiereiland naar koninkrijk Granada. Tot dan is Almagro een gehucht met slechts enkele inwoners. Met de komst van de ridderorde wordt het plaatsje ommuurd, komt er een kerk en worden de “Palacios de los Maestres” (=de paleizen van de meesters) gebouwd. De ridders van Calatrava vestigen zich in deze paleizen en doen van hieruit zaken. Doordat zij veel strijden tegen de Moren winnen, krijgen zij op korte tijd veel eigendommen in geheel Spanje (kastelen, plaatsen en boeren die hun onderdanen worden). Op de nieuwe plaatsen waar ze zich vestigen, richten ze nieuwe ridderordes op. Een paar keer per jaar komen al deze ridderordes in Almagro voor overleg bij elkaar. Bovendien verzamelen zich met de voortgang van de Reconquitsta, -waarbij de strijd tussen de Moren en de Christenen steeds verder richting zuiden plaatsvindt-, meer en meer troepen in Almagro. Al deze mensen dienen in hun behoefte voorzien te worden, waardoor er bakkers, slagers etc. komen. Almagro wordt het economisch centrum van de Orde van Calatrava, dat veel kooplieden aantrekt. Al snel wordt het een regionale handelsstad, waar een paar keer per jaar grote vergaderingen plaatsvinden en waar één keer per jaar twee weken lang feesten gehouden worden.  

Van regionaal naar internationaal handelscentrum

Wanneer er vanaf de 15de eeuw kwik uit de mijnen van Almadén verkocht gaat worden, wordt Almagro door geheel Spanje en in het buitenland een interessante handelsstad. Door de bloeiende kwikhandel en de productie van wol verandert de plaats van regionaal naar internationaal handelscentrum. Zelfs internationale bankiers vestigen zich in Almagro, waaronder de machtige Duitse bankier Jacob Fugger, de belangrijkste Europese bankier in de 15de en 16de eeuw. Met zijn komst begint het straatbeeld van Almagro te veranderen. Wordt eerst nog gebouwd in een sobere middeleeuwse architectuur met mudejarstijl, na zijn komst worden huizen, openbare gebouwen en straten opgefleurd met renaissance decoraties. In de 16de eeuw groeit Almagro enorm. Naast huizen en paleizen worden er kloosters, een universtiteit en een ziekenhuis gebouwd. En het theater van Almagro, de Corral de las Comedias. In de 17de een 18de eeuw is Almagro zelfs groter dan de plaats Ciudad Real. Het is dan een van Spanje’s belangrijkste steden, met veel voorname gebouwen en ondermeer een eigen handelsminister. En van 1750 tot 1761 is het zelfs de hoofdstad van de provincie La Mancha. Almagro krijgt er in de 18de eeuw ook nieuwe handelskenmerken bij. Namelijk kant en kleedjes die in Almagro gefabriceerd worden.  

Het tij keert in de 19de eeuw

In de 19de eeuw keert het tij echer. Door de financiële problemen van koning Carlos V (Spaanse koning van 1833 tot 1845) komt ook de Duitse bankier Fugger in de problemen, die de begunstigde is van de kwikmijnen van Almadén. Hij trekt de overige bankiers in Almagro en hiermee geheel Almagro met zich mee naar beneden. Al snel verliest Almagro zijn economische machtpositie en zijn positite als handelscentrum.  

Almagro nu

Tegenwoordig is Almagro een onbeduidend plaatsje in Castilla la Mancha, waar de vele paleizen, de plaza Mayor en de Corral de las Comedias nog doen herinneren aan de Gouden Tijden van Almagro. In het overgebleven deel van de Palacios de los Maestres (de paleizen waar de Orde van Calatrava gevestigd was en van waaruit zij zaken deed) is nu het Internationaal Theatermuseum gevestigd. Veel kloosters en kerken zijn er niet meer te zien, omdat zij in de laat 19de eeuw door koning Carlos III zijn geconfisceerd. Eén keer per jaar staat Almagro in het middelpunt, als er eht Internationaal Festival van Klassiek Theater plaatsvindt.

Reactie toevoegen

CAPTCHA
Deze vraag wordt gesteld om te bepalen of u geen spambot maar een mens bent.